01-09-2011 -
- Raad van State: geen onoverkomelijke bezwaren
- Pas na drie jaar eindelijk duidelijkheid over omvang project
- Natuur-, milieu en wateraspecten in Omgevingswet opnemen
De vlag hangt uit bij verschillende natuurorganisaties sinds de Raad van State de vergunningen voor de kolengestookte elektriciteitscentrale in de Eemshaven heeft vernietigd. Of deze uitspraak echt als overwinning kan worden beschouwd voor Greenpeace en verwante organisaties is maar de vraag. Zij roepen in hun euforie dat de kolencentrale van RWE/Essent er nooit zal komen. Maar wie de uitspraak bestudeert, leest juist dat er helemaal geen onoverkomelijke bezwaren zijn.
De meeste bezwaren van de natuurorganisaties zijn zelfs van tafel geveegd. Op slechts vijf van de 24 onderdelen kregen de protesterende natuurorganisaties gelijk. In twee gevallen is aanvullend onderzoek nodig. Zo moeten de gevolgen van de uitstoot van stikstof voor de Duitse Waddeneilanden in kaart worden gebracht. Net als de gevolgen voor een aantal zeezoogdieren.
In twee andere gevallen vindt de Raad van State dat de motivering beter moet. Zo moet beter worden uitgelegd waarom de koelwaterlozingen niet schadelijk zijn voor enkele vissoorten. En ook hoe het energiebedrijf kan voldoen aan de eis dat er geen licht van de kolencentrale zichtbaar is op de grens van het beschermde natuurgebied in de Waddenzee. Concreet betekent dit wat huiswerk dat opnieuw gedaan moet worden. En dat zal ditmaal tot volle tevredenheid van de beoordelaar worden gedaan, zo is de verwachting.
Er is één juridisch ingrijpend punt in deze uitspraak. Het volledige project moet een herexamen ondergaan. Dat is wel een zware dobber, maar het is nog steeds te realiseren. Want wat is het geval? RWE/Essent heeft twee vergunningen aangevraagd. Eentje voor de bouw en exploitatie van de kolencentrale en eentje voor de uitbreiding en verdieping van de Eemshaven. In het nieuwe gedeelte van de haven wil de energiemaatschappij een koelwaterinlaat en een laad- en losplaats aanleggen. De Raad van State is van oordeel dat dit allemaal 'zodanig met elkaar is verbonden dat het als één project moeten worden gezien voor de beoordeling van de vergunningplicht op grond van de Natuurbeschermingswet'.
Merkwaardig genoeg is er nu pas, drie jaar na de start van de bouw, eindelijk duidelijkheid over de projectomvang. Er hadden dus geen twee aparte vergunningen moeten worden aangevraagd, maar één allesomvattende. Het is aan onduidelijke wetgeving te wijten dat dergelijke vergunningschaos mogelijk is. Dat moet voortaan anders.
De les die we hieruit moeten trekken, is dat we geen aparte natuur-, milieu- en waterwetten meer moeten maken. Deze aspecten moeten gewoon worden opgenomen in de nieuwe Omgevingswet, waaraan minister Schultz momenteel werkt. Het omgevingsrecht is namelijk nog verspreid over meer dan 60 wetten, ruim 100 algemene maatregelen van bestuur (amvb’s) en honderden ministeriële regelingen. Deze nieuwe Omgevingswet moet voor meer samenhang, eenvoud en integrale benadering zorgen. Dat schept tenminste duidelijkheid en voorspelbaarheid.
In het geval van RWE/Essent wist niemand tot de uitspraak van de Raad van State waar hij aan toe was. Het herexamen van het energiebedrijf is evenals de betekenisloze feestjes van de protesterende partijen zonde van het geld en alle inspanningen.
www.vno-ncw.nl/omgevingswet